Emmanuelle Haïm
Tekst: Jasmijn van Wijnen | Foto: Emmanuelle Haïm

‘Steeds weer met nieuwe ogen de partituur induiken’

21 Maart 2022

Emmanuelle Haïm dirigeert Giulio Cesare.

 

Het is haar eerste keer op de bok bij De Nationale Opera, maar de partituur van Händels Giulio Cesare heeft inmiddels een vertrouwde plek op haar lessenaar veroverd. Samen met haar eigen Le Concert d’Astrée, het barokorkest waarmee zij nu al zo’n twintig jaar muziek maakt en met wiens musici ze inmiddels een gemeenschappelijke taal heeft ontwikkeld, wekt Emmanuelle Haïm Händels partituur opnieuw tot leven.

Haïm is een groot barok- en Oude Muziekliefhebber én specialist. De specifieke voorkeur voor het soort muziek ontwikkelde zich al tijdens de pianolessen die zij als kind kreeg. Er was altijd veel aandacht voor het barokrepertoire, in het bijzonder voor de muziek van Bach. Het leidde ertoe dat ze verliefd werd op zowel het genre, als een aanverwant instrument: het klavecimbel. Voor Giulio Cesare zal ze de dubbelrol vervullen van klavecinist én dirigent, “en daar hou ik ontzettend van; het geeft me de mogelijkheid om de hele tijd een diepe verbinding met de muziek, de musici en de zangers te hebben,” aldus Haïm.

Hoewel ze al meerdere Giulio Cesare’s uitvoerde, kijkt ze er iedere keer weer reikhalzend naar uit met het werk aan de slag te gaan. “Het is een van de meesterwerken die Händel schreef; elke keer dat je zo’n opera dirigeert, duik je weer met nieuwe ogen in de partituur”, zegt Haïm. En dat is in dit geval in het bijzonder nodig, want een opera als Giulio Cesare instuderen, vraagt van een muzikaal leider een nauwkeurige toespitsing van het werk op de zangers die het zullen vertolken: “De versieringen voor de aria’s zijn niet voorgeschreven, en moeten daarom voor elke zanger met zorg worden uitgekozen, op grond van stilistische vragen, vocale nauwkeurigheid en dramatische redenen, zoals het in Händels tijd ook werd gedaan. De zangers die in deze Giulio Cesare zullen meezingen zijn grote barokinterpretatoren, zowel op muzikaal als theatraal vlak.”

“De muziek van Giulio Cesare is zo gevarieerd: Händel maakt gebruik van een rijk orkest, met orkestrale finesses die hij inzet om ons dramatisch te overtuigen: de subtiliteit van de klankkleur van de fluit in de klaagzang van Cornelia, de koninklijke klank van de hoorns in het kroningssinfonia, de virtuositeit van de strijkers, die de woede van Cesare enerzijds, en de vreugde van Cleopatra anderzijds onderstrepen. De plek van iedere aria is dramatisch gezien bijzonder goed en nauwkeurig gekozen. Hetzelfde geldt voor de manier waarop de ontwikkeling van de personages is geschreven. Als je Händels muziek dirigeert, word je gedreven door wat hij ons op theatraal vlak oplegt.”

Samen met regisseur Calixto Bieito zal Haïm dat dramatische potentieel van Giulio Cesare zo overtuigend mogelijk naar het podium vertalen: “Ik ben een groot bewonderaar van Bieito’s werk en ik kijk er ontzettend naar uit om met hem aan deze nieuwe productie te werken. Elke keer dwingt de samenwerking met een andere regisseur je om het stuk op een nieuwe manier te bevragen. De verhouding van het werk tot het hedendaagse publiek is daarin fundamenteel, en het lijdt geen twijfel dat Calixto Bieito er een kijk op zal hebben die ons zal uitdagen.”

 

Emmanuelle Haïm

Emmanuelle Haïm staat hoog aangeschreven als uitvoerder en voorvechter van het barokrepertoire, zowel op het klavecimbel als op de bok. In 2000 richtte ze Le Concert d’Astrée op, dat als barokensemble snel een internationale reputatie opbouwde.