De Nationale Opera presenteert

Het sluwe Vosje Leoš Janáček (1854-1928)

Deze productie was te zien in januari 2011

Het sluwe vosje

Leoš Janáček
Opera in drie bedrijven 
Libretto van Leoš Janácek, naar de vertelling van Rudolf Tešnohlídek
Wereldpremière 6 november 1924, Nationaal Theater,, Brno

 

Deze productie

Reprise uit 2005/06
Première 15 januari 2011

Over de opera

Zwevend tussen vrolijkheid en weemoed, realisme en sprookje, schiep Leos Janácek met de geschiedenis van het jonge vosje dat door de boswachter gevangen wordt, haar vrijheid herwint, verliefd wordt, een gezin sticht en uiteindelijk door de stroper Harasta dodelijk gewond wordt, misschien wel zijn meest onconventionele werk. Ter verbeelding van de eeuwige kringloop van worden en vergaan heeft Janácek een dierenwereld gecreëerd en afgezet tegen de mensenwereld, die een door generlei beschaving aangetast natuurgebeuren representeert en toch duidelijke parallellen met het menselijk bestaan vertoont. Hierbij ontwikkelt de componist de hem eigen toontaal verder, handhaaft virtuoos een op de menselijke spraak gebaseerde melodiek en motiviek en laat zich daadwerkelijk door dierenstemmen inspireren. Dat het er zowel in de ene als in de andere wereld ronduit wreed aan toegaat, wordt hierbij niet veronachtzaamd. 

‘In de dramatische compositie is het de kunst om de spraakmelodie te componeren, waarachter als door een magisch proces tegelijkertijd het menselijke wezen in een bepaalde levensfase tevoorschijn komt.’ - Leos Janácek

Het verhaal

I
De Boswachter verstoort het leven van de dieren in het bos. Op een dag vangt hij het sluwe vossenvrouwtje Bystrouska en neemt haar mee naar huis. De Boswachter meent in zijn droom in het Vosje het zigeunermeisje Terynka te herkennen. Als het Vosje enkele kippen en de haan doodt, moet ze gestraft worden, maar ze weet te ontsnappen en zoekt haar heil in het bos.

II
Daar wordt ze met vreugde begroet door de andere dieren. Als ze een knappe mannetjesvos ontmoet, worden de twee verliefd op elkaar en ze trouwen, onder grote belangstelling van alle bosdieren. In de herberg plagen de stamgasten elkaar over hun liefdesperikelen, waarbij ook Terynka ter sprake komt. Op weg naar huis ziet de boswachter het Vosje, maar zij is hem te snel af. 

III
Het vossenpaar heeft vele jongen gekregen. Als de stroper Harasta de Boswachter vertelt dat hij met Terynka gaat trouwen, is deze zo boos dat hij een klem voor het Vosje plaatst. Maar het is Harasta die uiteindelijk het Vosje doodschiet. Tijdens de bruiloft van Harasta en Terynka wordt de Boswachter zo somber dat hij het bos inloopt. Daar wemelt het van nieuw leven, wat hem met het bestaan verzoent. Hij valt in slaap en keert in zijn droom terug naar het begin van het verhaal.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Lawrence Renes
Regie 
Richard Jones
Instudering regie 
Astrid van den Akker
Decor en kostuums 
Antony McDonald
Licht 
Matthew Richardson
Beweging 
Philippe Giraudeau
Dramaturgie 
Klaus Bertisch
Orkest 
Radio Filharmonisch Orkest
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering Koor 
Martin Wright
Kinderkoor 
De Kickers van Muziekschool Waterland
o.l.v. Jan Maarten Koeman
en Dorien van Tilburg
Revírník (Boswachter) 
Dale Duesing
Paní Revírníková (Boswachtersvrouw) 
Ellen van Haaren
Rechtor (Schoolmeester) 
John Graham Hall
Farár (Pastoor) 
Alexander Vassiliev
Jezevec (Das) 
Patrick Schramm
Harašta, stroper 
Robert Poulton
Pásek, waard 
Tom Haenen
Paní Pásková, waardin 
Annett Andriesen
Bystrouška (Het sluwe vosje) 
Rosemary Joshua
Lišák (Vos) 
Hannah Esther Minutillo
Frantík 
Tomoko Makuuchi
Pepík 
Janine Scheepers
Lapák, hond 
Monique Scholte
Kohout (Haan) 
Pascal Pittie
Datel (Specht) 
Madieke Marjon
Sova (Uil) 
Marion van den Akker
Chocolka, hen 
Fang Fang Kong
Komár (Mug) 
Terence Mierau
Sojka (Vlaamse gaai) 
Ineke Berends
Kobylka (Sprinkhaan) 
Myra Kroese
Crvcek (Krekel) 
Maartje de Lint

Nederlands Philharmonisch Orkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera. Hij leidde onder meer spraakmakende producties van Die Frau ohne Schatten, Schatzgräber, Elektra en Die Meistersinger. Het orkest boekte ook een groot succes met de integrale uitvoering van Der Ring des Nibelungen onder leiding van Hartmut Haenchen.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

MET STEUN VAN:

 

    di 21 jan Bela Luttmer, De Volkskrant

    'De regisseur Richard Jones heeft een directe, eenvoudige beeldtaal gevonden die mooi complementeert met de complexe muziek van Janácek. […] De zangers krijgen een solide basis van de dirigent Lawrence Renes, die het Nederlands Philharmonisch Orkest met aandacht voor de details knap door de partituur loodst.’

    di 21 jan Peter van der Lint, Trouw

    ‘Scherp, puntig en dauwfris klonk het zaterdagavond met een uitstekend en alert reagerend NedPhO. Al die lastige hoge en open liggende passages in de strijkers kwamen er vlekkeloos uit, en Renes voelde feilloos aan op welke momenten Janácek wilde ver- dan wel ontroeren. De enscenering heeft dankzij de geweldige decors en kostuums van Antony McDonald nog niets van zijn kracht verloren.’

    di 21 jan Erik Voermans, Het Parool

    ‘Het sluwe vosje blijft één van de fraaiste en onderhoudendste producties die ooit bij De Nederlandse Opera te zien zijn geweest. Zeer aan te bevelen voor hen die nog nooit naar een opera zijn geweest. Een triomf voor oor en oog’