De Nationale Opera presenteert

Marco Polo Tan Dun (1957-)

Deze productie was te zien in november 2008

Tan Dun
Marco Polo
An Opera within an Opera
Libretto van Paul Griffiths

Over de opera

Wereldpremière
7 mei 1996 
Muffathalle
München

Tan Dun geeft de avonturen van de Venetiaan Marco Polo tijdens zijn reis naar China gestalte als een ontdekkingstocht vol innerlijke en uiterlijke belevenissen. Gaandeweg wordt hij niet alleen geconfronteerd met historische figuren, maar ook met inwendige krachten, waaraan iedereen zich blootgesteld ziet die zowel geestelijke als fysieke barrières wil overwinnen. De opsplitsing van de titelrol in twee figuren is dan ook zeer goed te begrijpen, en de betekenis van de ondertitel ‘een opera in een opera’ wordt duidelijk uit de verbeelding van spirituele ervaringen zowel als de geografische reis, die beide tot doel hebben om via het heden uit het verleden voor de toekomst lering te trekken. Tegelijkertijd kan het werk worden gezien als een voortzetting van de compositorische reis van de componist zelf, die de verschillende culturen waarmee hij verbonden is, probeert te verenigen: een versmelting van westerse avant-garde met oosterse traditie.

Over deze productie

Nieuwe productie
Première 7 november 2008

In het kort

Het Boek van Tijdruimte: Winter
Marco raadpleegt zijn geheugen (Polo). Marco is actie, de man van buitenaf. Polo is denken, de man van binnenuit. De piazza is thuis, en onderwereld, overal tegelijkertijd. Dante introduceert de plek en het gevoel. Het Koor moedigt Polo aan om te verschijnen, alsof hij geboren wordt. Kublai Khan zal een reis in zichzelf maken, van de derde persoon naar de eerste, om Kublai Khan te worden. Marco dringt er bij Polo op aan dat deze hem meeneemt. Water zal de reis mogelijk maken.

Het Boek van Tijdruimte: Lente
De reis begint. Polo begint de herinnering. Marco begaat een misstap door zijn vader en oom te noemen. Polo herinnert zich het gevoel van beweging op zee, Dante het zichtbare aspect. Water is zichtbaar gemaakt gevoel en het zichtbare voelbaar gemaakt. Hoop verandert in gevaar: een storm in de tijd. Polo, Marco, Dante en Water raken erin verstrikt. Marco uit zijn angst. Polo kalmeert, zijn blik buiten de tijd. De storm is voorbij. Twee boodschappers vullen Polo's handen met thee en water. Polo en Marco hunkeren naar het onbekende. De sfeer verandert: stil, afwachtend, onzeker. De reis gaat door, met de nodige inspanning.

Het Boek van Tijdruimte: Zomer
Marco en Polo bevinden zich in de woestijn van woordeloosheid, op enige afstand van elkaar. Sheherazade tovert Polo een dansspel voor, dat ze verklaart zonder woorden. Ze wil hem verleiden, zodat hij in de woestijn blijft. Water protesteert. Nog steeds zijn er geen woorden totdat Sheherazade er een schreeuwt: 'stilte'. Het dansspel vervluchtigt. Marco gaat terug naar Polo. Water wendt zich tot hem. Hij moet zijn verhaal, zijn reis voortzetten. Sheherazade strijdt om de macht. De spanning loopt op tot een climax. Kublai Khan wacht. Een sfeer van rituelen, magie, hekserij. Polo is stil, hij wacht, bereidt zich voor. Schaduwen en Marco zingen over de Himalaya. Tweede herinnering aan de vergissing van zijn vader en oom. Een boodschapper verschijnt en bindt Marco en Polo aaneen met een zijden sjaal. Polo en Marco gaan samen naar de Muur. De Muur is massief, onneembaar. Polo is stil. Marco probeert te begrijpen.

Het Boek van Tijdruimte: Herfst
Koor en Muur worden onzichtbaar. Marco en Polo nu samen als één persoon, verder Kublai Khan, Water, drie Schaduwen. Marco Polo wordt ondervraagd en ingelicht door de anderen. Terug naar de Muur. Kublai Khan is zichzelf, hij is aangekomen. Maar de stilte waarover hij zingt, is die van blijvende verwachting. De Koningin moedigt Marco en Polo aan te blijven. Polo is aan de grond genageld. Marco zwijgt en wil verder gaan. Kublai Khan voegt zijn stem bij die van de Koningin. Hij weet nog niet wat deze ontmoeting betekent. Marco rukt zich los van Polo en rent naar Dante. Dante zingt over de dood en verzekert Marco van het hiernamaals. Alle anderen zeggen dat er geen hiernamaals is. Het rijk van de Khan strekt zich over de hele aarde uit. Polo stemt in met de muziek. Marco merkt dat zijn stem zich, ongewild, bij de anderen voegt. Polo rukt zich los van het vocale complex en kijkt verwachtingsvol naar Marco. Marco breekt door de Muur heen.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Tan Dun /
Steven Osgood
Regie 
Pierre Audi
Decor en licht 
Jean Kalman
i.s.m. Elsa Ejchenrand
Kostuums 
Angelo Figus
Orkest 
Nederlands Kamerorkest
Koor 
Cappella Amsterdam
Instudering koor 
Daniel Reuss
 
MEMORY
Polo 
Charles Workman
 
BEINGS
Marco 
Sarah Castle
Kublai Khan 
Stephen Richardson
 
NATURE
Water 
Nancy Allen Lundy
 
SHADOWS
Rustichello/Li Po 
Zhang Jun
Sheherazade/Mahler/Queen 
Tania Kross
Dante/Shakespeare 
Stephen Bryant
Chinees / Arabische danseres  
Mu Na

Nederlands Kamerorkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

 

    do 23 jan Erik Voermans, Het Parool

    ‘TEA (2002) en Marco Polo (1995) leveren sterk vergelijkbare ervaringen op. Ook in Marco Polo ziet het bühnebeeld van Jean Kalman er weer schitterend uit, met fraaie sprookjesachtige kostuums, ontworpen door Angelo Figus. Opnieuw trakteert de componist zijn toehoorders op muziek die stilistisch alle kanten opschiet, en opnieuw is aan het ‘drama’ geen touw vast te knopen […] Het Nederlands Kamerorkest speelde onder leiding van de componist voortreffelijk en Cappella Amsterdam en de cast, met Charles Workman als Polo, Sarah Castle als Marco, Stephen Richardson als Kublai Khan, Nancy Allen Lundy als Water en Tania Kross als onder meer Sheherazade en Mahler, zongen op een hoog niveau.’

    do 23 jan Eleonore Büning (Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung)

    ‘”Ben jij een Marco Polo?”, fragt das neueste Projekt der Nederlandse Opera die Bewohner der Stadt. Keiner, der diese Frage bislang mit Nein beantwortet hätte. Dagegen haben schon einige hundert Amsterdamer Schulkinder im Fremden das Eigene entdeckt und sich marcopolomäßig Musik der diversen Seidenstraßenkulturen einverleibt, wie am Freitagabend zu besichtigen war in dem opernsamtrot innenausgestatteten Kino-Bus, der vor dem Haupteingang von Het Muziektheater parkt. […] das Ich und das Es und die Natur treten auf, Vergangenes kreuzt sich mit Künftigem, Raum wird zu Zeit, Gustav Mahler beschwert sich beim Kublai Khan, Dante beschwatzt Shakespeare, Geigen und Harfen treffen auf Pipa, Sitar und Tabla. Und: Es klingt herrlich! „Marco Polo“ [ist] eine Überwältigung, so drall und komplex, dass man sich ein doppeltes Paar Ohren wünscht, um alles fassen zu können, und, in dieser pompösen Amsterdamer Märcheninszenierung von Pierre Audi, wohl auch noch ein paar zusätzliche Augen gebrauchen könnte. Wie Schneewittchen unter den sieben Zwergen erstrahlt die Natur (das Wasser: Sopranistin Nancy Allen Lundy) zwischen den Kapuzen-Kriechtieren des Chores, die sich in Steine oder Krieger verwandeln. Wie das Rumpelstilzchen stampft, kullert und kreischt der famose Erzähler Rustichello (Zhang Jun) über Berg und Tal. Und als Polo (das Es: Charles Workman) sich mit Marco (das Ich: Sarah Castle) zum Duett aufschwingt, wird ganz große Oper daraus.’

    do 23 jan Roland de Beer, De Volkskrant

    ‘Halteplaatsen in deze opera zijn de ‘piazza’ waarvandaan Marco Polo vertrekt, en dan – onder meer – een Zee, een Bazaar en een Woestijn. […] In tussenliggende sessies klinken vertellingen, voorgelezen door ‘Rustichello’. Dat is de Italiaan – hier een Pekingoperazanger met kunstig overslaande stem – die Marco Polo’s verhalen ooit optekende. Ook dat is behapbaar, al hebben Tan en librettist Paul Griffiths er lagen doorheen gesneden waarin Polo, Dante of Hulleldepup gewoon weer een zegje doen. Maar waar het om gaat: ze doen dat in een soms geniaal gevonden, onnavolgbaar Tanduniaanse recitatiefstijl. Van simpele melodische kernen, uitwaaierend in complexe stem-glissandi. […] In Tan Duns muziek […] klinkt het westerse orkest Aziatisch, en echoot Europa in Aziatische instrumenten. […] Zoals Tan de modernist Cage op zijn weg vond, zo blijkt de geest van dorpstovenarij samen te vallen met de zin voor mythologie van Audi. In dat bestek kan alles, zoals getreiter van Tibetaanse monniken door een soort Gibichungen met speren (uit Audi’s Wagner-Ring). Maar ook een bries doet mee, waaiend door een reuzendoek. Dante schrijdt voort met Jezus-aureool. Rustichello maakt salto’s uit stand. Gouden doeken vallen als dode zielen uit de hemel. Onvergetelijk: Tania Kross (Mahler) zingt Mahler als met zilveren hoed. Zoals Shakespeare hier opmerkt, vrij naar zijn eigen The Tempest: ‘Wij zijn van dezelfde stof als waaruit dromen bestaan.’