De Nationale Opera presenteert

Dialogues des Carmélites Francis Poulenc (1899-1963)

Deze productie was te zien in maart 2002

DIALOGUES DES CARMÉLITES

Francis Poulenc
Opéra en trois actes et douze tableaux
Libretto van Francis Poulenc
Wereldpremière 26 januari 1957, Teatro alla Scala, Milaan

 

DEZE PRODUCTIE

Reprise uit 1997/98
Première 4 maart 2002

Over de opera

Poulencs opera gaat terug op een vertelling over de nonnen uit het klooster van Compiègne, die tijdens de Franse Revolutie werden onthoofd. De hoofdpersoon, Blanche (vertolkt door Prix d’Amis 2000 - winnares én lieveling van het Nederlandse publiek Susan Chilcott), maakt een ontwikkeling door van jong meisje dat zich uit levensangst in een klooster terugtrekt, tot non, die voor haar geloof de dood in gaat.

Het gebeurt niet zo vaak dat de eindscène van een opera het publiek in Het Muziektheater collectief kippenvel bezorgt. Bij de eerste reeks voorstellingen van deze productie in december 1997 was dit wel het geval. De zeer herkenbare thematiek en de uiterst menselijke manier waarop fundamentele levensvragen worden gesteld, sprak een tegelijk verrast en ontroerd publiek zeer aan.

Het verhaal

Parijs, 1789-1792. Chevalier de la Force wacht vol ongerustheid op zijn zuster Blanche, die in haar rijtuig door het opstandige volk wordt tegengehouden. Blanche komt thuis en geeft te kennen dat zij bij de karmelietessen wil intreden. De oude, doodzieke priores, Mme de Croissy, wijst haar op de zwaarte van het nonnenbestaan, maar Blanche laat zich niet ontmoedigen. Haar angst voor het leven buiten het klooster is te groot. Op haar sterfbed krijgt de priores een visioen van de verwoesting van het klooster en van de dood van de nonnen. Ze zegent Blanche en beveelt haar in de zorgen van Mère Marie aan. Mme de Croissy sterft in grote angsten.

Mme Lidoine wordt de nieuwe priores. Chevalier de la Force zoekt Blanche voor zijn vertrek naar het buitenland nog eenmaal op, om haar te overreden een veilig heenkomen te zoeken. Zij weigert. Een menigte dringt het klooster binnen en commissarissen van de Terreur bevelen de ontruiming. De nonnen besluiten echter te blijven.

Tijdens Mme Lidoines afwezigheid roept Mère Marie de zusters op tot het afleggen van de eed van martelaarschap, na een geheime stemming. Er is één tegenstem. Iedereen kijkt naar de angstige Blanche, maar Soeur Constance zegt snel dat zij dat was en dat ze haar standpunt herroept. Blanche vlucht naar haar ouderlijk huis, dat ze geplunderd aantreft. Haar vader werd onthoofd. Blanche blijft in het huis, vermomd als dienstmeisje. Mère Marie komt haar een onderduikadres opgeven, maar ze wil daar niet heen. Even later hoort Blanche dat de andere karmelietessen gevangen zijn genomen. Wanneer de nonnen één voor één zingend het schavot bestijgen, voegt Blanche zich vrijwillig bij hen. Zij sterft als laatste onder de guillotine.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Yves Abel
Regie 
Robert Carsen
Decor 
Michael Levine
Kostuums 
Falk Bauer
Licht 
Jean Kalman
Choreografie 
Philippe Giraudeau
Dramaturgie 
Ian Burton
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering 
Brian Fieldhouse
Le Marquis de la Force 
Alain Vernhes
Blanche 
Susan Chilcott
Le Chevalier  
Marcel Reijans
L’Aumonier du Carmel 
Ryland Davies
Geôlier 
Patrice Berger
Mme de Croissy  
Judith Forst
Mme Lidoine  
Gwynne Geyer
Mère Marie de l’Incarnation  
Kathryn Harries
Soeur Constance  
Claron McFadden
Mère Jeanne de l’Enfant Jésus  
Mireille Capelle
Soeur Mathilde  
Klara Uleman
Officier 
Roger Smeets
1er Commissaire  
Marten Smeding
2ème Commissaire  
Harry Teeuwen
Thierry 
Jef van Wersch
M. Javelinot 
Nico Pouw

Muziek

Nederlands Philharmonisch Orkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera. Hij leidde onder meer spraakmakende producties van Die Frau ohne Schatten, Schatzgräber, Elektra en Die Meistersinger. Het orkest boekte ook een groot succes met de integrale uitvoering van Der Ring des Nibelungen onder leiding van Hartmut Haenchen.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

    vr 31 jan NRC Handelsblad

    Regisseur Robert Carsen, decorontwerper Michael Levine en choreograaf Philippe Giraudeau maakten van Dialogues des Carmélites een gewijde, sobere voorstelling in poëtische beelden. De rekwisieten zijn steeds functioneel en de personenregie is fijnzinnig functioneel en strak van uitwerking. [..] de rol van Blanche nu zeer dramatisch en theatraal gezongen door de lyrische sopraan Susan Chilcott. Naast ander opvallende roldebuten van Marcel Reijans (Chevalier) en Gwynne Geyer (Mme Lidoine) maakt Judith Forst met haar doorleefde timbre indruk als priores [..] Een constante is Claron McFadden als ontroerende menselijke zuster Constance.

    vr 31 jan De Volkskrant

    [..] in de eerste akte liepen de rillingen over de rug bij de reutelende doodsstrijd van Madame de Croissy, de oude abdis die naar het leven werd getekend door de Canadese mezzosopraan Judith Forst. Soepele scène wisselingen, uitgekookte koorloopjes, devotie zonder ouwellucht - daar moet vanuit zijn hemelse fauteuil toch ook de lieve God met welgevallen naar hebben gekeken.

    vr 31 jan De Telegraaf

    Beklemmend nonnendrama in Muziektheater Als aan het slot van de opera de Karmelietessen sterven onder de valbijl van de guillotine, laat Carsen ze in smetteloos witte nachthemden wijd verspreid over het toneel één voor één als eenzame pilaren ineenzijgen. De gedetailleerd consequente enscenering krijgt een uitstekend muzikaal antwoord uit de bak waarin dirigent Yves Abel en het Nederlands Philharmonisch Orkest vooral in de lange slotakte tot grote hoogten groeiden.