De Nationale Opera presenteert

LE COMTE ORY Gioacchino Rossini (1792-1868)

Deze productie was te zien in april 1990

Le comte Ory

Gioacchino Rossini
Opéra en deux actes
Libretto van Eugène Scribe en Charles-Gaspard Delestre-Poirson
Wereldpremière 20 augustus 1828, Salle Le Peletier, Parijs

Deze productie

Nieuwe productie
Première 13 april 1990

Het verhaal

De graaf is met al zijn mannen op kruistocht. De vrouwen, onder leiding van zijn mooie zuster, de jonge weduwe Adèle, hebben zich in het kasteel opgesloten. Geen man mag erin totdat hun echtgenoten terugkeren. Graaf Ory, de jongste zoon van de prins, heeft zijn gulzig oog op Adèle laten vallen en heeft een list bedacht om tot haar door te dringen. Met de hulp van zijn vriend Raimbaud doet hij zich voor als kluizenaar. Hij krijgt al spoedig enige faam, want tegen allen die zijn raad komen vragen, zegt hij wat ze het liefste horen. Zijn roem dringt zelfs door tot het kasteel. Ook Ragonde, die daar de huishouding bestiert, brengt een bezoek aan de kluizenaar om hem te raadplegen over de aanvallen van melancholie waaronder haar meesteres lijdt. Ory zegt dat hij de gravin persoonlijk wil spreken en Ragonde belooft haar te gaan halen.

De gouverneur en de page van Ory, Isolier, zijn op zoek naar hun meester. De gouverneur klaagt dat het moeilijk leven is met een man als Ory die zich steeds als een Casanova gedraagt.
 
Isolier raadpleegt de kluizenaar, zonder hem te herkennen. Hij verklaart hem zijn liefde voor Adèle, zijn nicht, en verraadt zijn plan om verkleed als non het kasteel binnen te dringen. Dat knoopt Ory goed in zijn oren.
 
Adèle verschijnt met haar gevolg. De kluizenaar vertelt haar dat ze van haar melancholie kan genezen door toe te geven aan de liefde. Adèle, die warme gevoelens voor Isolier heeft opgevat, is blij dat te horen. Maar de kluizenaar waarschuwt haar voor Isolier. De gravin nodigt de kluizenaar uit op het kasteel om verder te praten. Dan verschijnt de Gouverneur die de ware identiteit van de kluizenaar onthult. Ory’s plannetje valt in het water. Een boodschapper komt vertellen dat de kruisvaarders de volgende dag zullen terugkeren. Ory bedenkt dat hij nog maar heel weinig tijd heeft om de gravin te verleiden.
 
De vrouwen spuwen hun gal over graaf Ory. Een onweer barst los. Buiten klinkt het klaaglijke gezang van een groep nonnen die op pelgrimstocht zijn. Ze zeggen dat ze moesten vluchten voor graaf Ory. De gravin voelt met hen mee, laat hen binnen en geeft hun te eten. Als ze hen alleen laat, ontpoppen de nonnen zich als Ory en zijn ridders. Raimbaud ontdekt de wijnkelder en gezamenlijk zingen de mannen een loflied op de wijn.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Gabriele Ferro
Regie 
Helmut Polixa
Decor 
Kathrin Kegler
Kostuums 
Jorge Jara
Licht 
Heinrich Brunke
Orkest 
Nederlands Philharmonisch Orkest
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering koor 
Winfried Maczewski
Le comte Ory 
Stanford Olsen
Le gouverneur 
Roderick Kennedy
Isolier 
Marianne Rørholm
Raimbaud 
William Shimell
La comtesse Adèle 
Susan Patterson
Ragonde 
Emily Golden
Alice 
Saskia Gerritsen
Deux chevaliers 
Ruud Kok
Willard Terrahe
Un paysan 
Jan Majoor
Une dame 
Barbara Kennedy
l'Amour (mime) 
Frans Icke