De Nationale Opera presenteert

GIUSTINO Georg Friedrich Händel (1685-1759)

Deze productie was te zien in januari 1987

GIUSTINO

Georg Friedrich Händel
Opera seria
Libretto van Pietro Pariati, naar Nicolò Beregani
Duitse bewerking door Eberhard Schmidt
Wereldpremière 16 februari 1737, Covent Garden Theatre, Londen

Deze productie

Gastproductie van de Komische Oper, Berlin (1984)
Première 16 januari 1987

Het verhaal

Anastasio is tot keizer van Byzantium gekroond. Zijn veldheer Amanzio wijst hem erop dat het rijk nog niet veilig is voor de invallen van Vitaliano, de tiran van Klein-Azië. Een delegatie van het hof van Vitaliano, geleid door Polidarte, biedt vrede aan in ruil voor keizerin Arianna. Verontwaardigd en beledigd laat Anastasio aan Vitaliano overbrengen dat slechts het zwaard hun vijandschap kan beslechten. Terwijl de boer Giustino slaapt, verschijnt Fortuna, die hem aanspoort zijn bestemming te volgen. Giustino komt eerst een onbekende vrouw te hulp. Zij blijkt Leocasta, de zuster van de keizer te zijn; ze wordt verliefd op Giustino en introduceert hem aan het hof.

Keizerin Arianna is in handen van Vitaliano gevallen; Giustino krijgt opdracht van keizer Anastasio om haar te bevrijden. Vitaliano bekent haar zijn liefde, maar zij gaat daar niet op in. Daarop wordt Arianna ten prooi geworpen aan een vijfkoppig zeemonster, dat de kusten van Klein-Azië onveilig maakt.
 
Door de storm uit de koers geraakt, loopt het schip van Anastasio en Giustino aan de grond op de plek waar Arianna geketend haar lot afwacht; Giustino komt precies op tijd om haar van het monster te bevrijden. Overgelukkig sluit Anastasio Arianna in zijn armen; Giustino wordt uitbundig geprezen. Zo treft veldheer Amanzio hen aan en gevierlijk verlaten zij het eiland met het dode monster. Onzichtbare stemmen brengen de belofte van een kalme zee en een behouden thuiskomst: niets lijkt de gemoedsrust te kunnen verstoren.
 
Giustino heeft zijn derde heldendaad verricht en brengt Vitaliano als gevangene naar de keizer. Amanzio kan zijn afgunst nauwelijks bedwingen als Giustino vertrekt om de overige vijanden te verslaan. Vitaliano wordt door zijn aanhangers bevrijd.
 
Uit dankbaarheid voor de bewezen diensten geeft Arianna aan Giustino de kostbare gordel van Vitaliano. Zonder opgemerkt te worden is de jaloerse Amanzio hiervan getuige. Ook Anastasio is inmiddels door jaloezie overmand: hij laat Giustino ontwapenen en wegvoeren. Arianna en Leocasta vermoeden wie de werkelijke boosdoener is; Leocasta besluit haar leven te wagen om haar geliefde te redden. Amanzio droomt van de troon: de weg ernaar toe is vrijgemaakt. Giustino, moe en verslagen, verwijt Fortuna bedrog: wég zijn roem en macht, schatten van liefde. Hij valt in slaap. Zo treft Vitaliano hem aan, die in hem zijn voormalige overwinnaar herkent. Hij wil zich wreken, maar een stem uit de berg grijpt in: Vitaliano en Giustino zijn broeders! Samen gaan ze op weg om in Byzantium orde op zaken te stellen. Daar heeft Amanzio inmiddels de macht gegrepen, maar nu wordt alras overmeesterd. Anastasio verzoent zich met Arianna, met Giustino en met Vitaliano. Giustino krijgt Leocasta eindelijk tot vrouw en wordt benoemd tot mede-keizer. De oorlog is ten einde en op alle fronten is de eendracht hersteld. Zal dan nu de langverbeide Gouden Eeuw eindelijk aanbreken?

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Hartmut Haenchen
Regie 
Harry Kupfer
Decor 
Valeri Lewenthal
Kostuums 
Reinhard Heinrich
Dramaturgie 
Hans-Jochen Genzel
Orkest 
Orkest van de Komische Oper, Berlin
Koor 
Koor van de Komische Oper, Berlin
Instudering koor 
Gerhart Wüstner
Anastasio 
Michael Rabsilber
Arianna 
Dagmar Schellenberger
Leocasta 
Violetta Madjarova
Amanzio 
Bernd Grabowski
Vitaliano 
Günter Neumann / Hans-Otto Rogge
Giustino 
Jochen Kowalski
Polidarte 
Hans-Martin Nau
Fortuna 
Barbara Sternberger
Der Orgelspieler 
Rudolf Asmus