Magazine Ted Brandsen: 'We moeten een veel actievere houding aannemen'
  1. Magazine
  2. Ted Brandsen: 'We moeten een veel actievere houding aannemen'
  • Carmen Lamptey en Gabriela Acosta Camacho
  • 23 Oct 2020
  • Leestijd: 4 minuten

Ted Brandsen: 'We moeten een veel actievere houding aannemen'

Makers Carmen Lamptey en Gabriela Acosta Camacho voelen ter gelegenheid van Black Achievement Month Ted Brandsen, directeur van Het Nationale Ballet, aan de tand. Hoe staat het gezelschap ervoor op het vlak van diversiteit en inclusie? 

Carmen: Wat betekent Black Achievement Month voor jou? Waarom doet Het Nationale Ballet daaraan mee?

Ted: Black Achievement Month is voor mij een maand waarin zwarte kunstenaars, zwarte wetenschappers en andere prominenten van kleur gevierd worden. Toen ik vijf jaar geleden benaderd werd door de organisatie met de vraag om mee te doen, zei ik meteen ‘ja’. We willen graag de talenten van dansers en kunstenaars van kleur in de spotlights zetten. Want die zijn er absoluut, en ze verdienen het gezien en erkend te worden. Ik vind het tegelijkertijd jammer dat een initiatief als Black Achievement Month nodig is. Uiteindelijk wil je toch naar een inclusieve samenleving waarin we de prestaties van iedereen vieren, ongeacht kleur of afkomst.

Gabriela: Je zou het liefst zien dat zo’n speciale maand niet meer nodig is in de toekomst. Wat is de rol van Het Nationale Ballet daarin? Welke stappen ondernemen jullie om daar te komen?
Op artistiek vlak zullen we veel meer choreografen uitnodigen met een andere culturele achtergrond. Onze recente samenwerking met Sedrig Verwoert smaakt bijvoorbeeld echt naar meer. Bij het aangaan van deze samenwerkingen is het voor mij wel van cruciaal belang dat er sprake is van artistieke kruisbestuiving. De verschillende partijen moeten elkaar uitdagen, versterken en vernieuwen. Dat gebeurt ook heel sterk in onze samenwerking met ISH Dance Collective. Met hen hebben we al twee succesvolle producties gemaakt, en er is een derde project op komst.

Dat project, Dorian, zou eigenlijk dit najaar in première gaan, maar helaas hebben we het anderhalf jaar moeten uitstellen vanwege corona. De gesprekken over een vierde project zijn overigens ook al gaande. Daarnaast werken we met ISH samen op het vlak van talentontwikkeling. Zo hebben jonge choreografen van ISH deelgenomen aan onze Choreographic Academy.

Carmen: Ik begreep dat in jullie kunstenplan voor de komende jaren staat dat jullie graag een weerspiegeling willen zijn van de samenleving. Waarom is dat?
Als kunstenaars en als kunstgezelschap moet je verbinding zoeken met de stad en het land waarin je opereert. Als wij in een stad als Amsterdam, die zo divers en multicultureel is, alleen maar witte dansers zouden hebben, dan zou er echt iets scheef zitten. Overigens maken we die verbinding nog niet goed genoeg. Dat heeft heel veel verschillende en complexe redenen. Zo merk je dat ballet nog steeds een heel ‘wit’ imago heeft, terwijl dat in de praktijk eigenlijk allang niet meer zo is. Als je bijvoorbeeld nu naar ons danserstableau kijkt, dan heeft 25 procent van onze dansers geen witte achtergrond.

Carmen: Ik hoor je zeggen dat het veel diverser en inclusiever kan. Hoe wil je dat bereiken?
We zijn er in ieder geval achter gekomen dat wij als organisatie een veel actievere houding aan moeten nemen. Om een goede balletdanser te kunnen worden moet je bijvoorbeeld al voor je tiende op professioneel niveau gaan dansen. Op een latere leeftijd haal je die achterstand niet meer in. Daarom doen we met de Balletacademie ook audities bij een dansschool in Amsterdam Zuidoost, Motion Dance Studio, om het jongste talent tijdig op het pad van ballet te brengen. Ook halen we de banden met contacten in Zuid-Afrika, de VS en Cuba aan, om daar ook gerichter te kunnen scouten naar dansers van het niveau dat wij vragen. Want het hoge niveau van de dansers weegt altijd het zwaarst.

Gabriela: Ik hoor veel goede intenties, maar zou je ook vijf concrete punten kunnen noemen waar de organisatie mee aan de slag gaat?
We hebben natuurlijk de programmering, waar ik het al over had en waarin je steeds meer kruisbestuiving zult gaan zien in de komende jaren. Op andere vlakken moeten we nog wel concrete targets gaan stellen, bijvoorbeeld qua diversiteit van ons publiek en personeel. Ik sta open voor alle suggesties, want het is echt iets dat we samen moeten doen.

Gabriela: Over samen gesproken: hoe zit het met jullie personeel? Waar komt deze visie vandaan en wordt deze door iedereen gedragen?
De visie komt vanuit de directie en wordt nu al gedragen door veel werknemers van verschillende afdelingen, maar we zijn er zeker nog niet. Er zijn nog steeds veel blinde vlekken. Daarom hebben we een extern adviseur, Freek Ossel, gevraagd om de situatie te inventariseren en een aantal concrete adviezen uit te brengen, zodat we die belangrijke stappen nu echt goed en gestructureerd kunnen gaan zetten.