Magazine Achter de schermen: Bram de Ronde leidt de 'Corona Taskforce'
  1. Magazine
  2. Achter de schermen: Bram de Ronde leidt de 'Corona Taskforce'
  • Rosalie Overing
  • 26 Jan 2021
  • Leestijd: 5 minutes

Achter de schermen: Bram de Ronde leidt de 'Corona Taskforce'

De coronapandemie heeft niet alleen het werk van de gezichten op het podium van Nationale Opera & Ballet beïnvloed, maar ook dat van de medewerkers achter de schermen. Zo kreeg Bram de Ronde, hoofd van de afdeling productie- en voorstellingsleiding, er plotseling een extra functietitel bij: voorzitter van de Corona Taskforce van Nationale Opera & Ballet.

De afdeling productie- en voorstellingsleiding is verantwoordelijk voor het proces dat begint bij de presentatie van de plannen van een artistiek team en dat uiteindelijk moet uitmonden in een voorstelling. De afdeling slaat een brug tussen artistieke input en uitvoering en vormt hiermee een schakel tussen veel verschillende andere afdelingen en de werkprocessen die daar plaatsvinden.

“Bij productie- en voorstellingsleiding hebben we het meeste zicht op de impact die corona op al die werkprocessen heeft en hebben we contact met alle afdelingen,” legt De Ronde uit. Toen er na de uitbraak van de pandemie een zogenaamde ‘Corona Taskforce’ gevormd moest worden, was het daarom vanzelfsprekend dat hij hier de leiding aan zou geven.

Corona Taskfoce

“In de Taskforce kijken we wat er in de organisatie nodig is om ervoor te zorgen dat onze medewerkers veilig kunnen blijven werken. Wanneer de overheid coronamaatregelen afkondigt, is vaak niet uitgewerkt wat deze maatregelen precies voor de verschillende sectoren betekenen. Neem de maatregel van een maximum van dertig personen per ruimte. Mag je het toneel dan als een aparte ruimte zien? En de orkestbak? En wordt de technicus achter de geluidstafel gezien als één van de dertig personen die in de zaal mogen? We zijn continu bezig om duidelijkheid te verschaffen over dit soort zaken en te zorgen dat de medewerkers weten waar ze aan toe zijn. Die gaan na een persconferentie immers ook nadenken en zich afvragen wat de maatregelen voor hen betekenen.”

Op dit moment gaat er binnen De Rondes werk veel aandacht uit naar de coronaproblematiek. Toch verschillen de werkzaamheden die hij als voorzitter van de Corona Taskforce uitvoert niet zo erg van zijn pre-corona takenpakket als je op het eerste gezicht zou denken. “De maatregelen veranderen de laatste maanden elke twee of drie weken, waardoor de Taskforce een levende organisatie moet zijn, die heel kort op de actualiteiten zit en snel kan schakelen als er weer iets nieuws opduikt. Dat bepaalt nu een groot deel van mijn werk, maar ligt ook in het verlengde van wat ik hiervoor deed. Zo was ik altijd al veel bezig met Arbo-regels en protocollen, omdat we bijvoorbeeld vaak dingen op toneel doen die nog niet eerder zijn gedaan. Corona heeft daarom mijn werk in essentie niet veranderd.”

Verschuiving naar online

Door de ongewone situatie waarin we ons nu bevinden en de restricties die hiermee samenhangen waren de medewerkers van Nationale Opera & Ballet afgelopen maanden genoodzaakt hun manier van werken aanpassen. “Mensen die ons niet kennen, denken dat ons grootste probleem is dat er niet genoeg mensen in de zaal kunnen, maar dat is lang niet alles,” geeft De Ronde aan. “Zo moeten de zangers en dansers op het toneel en daarbuiten onderling voldoende afstand houden. Datzelfde geldt voor de orkestleden in de bak. Daardoor is het fysiek niet mogelijk om grote opera’s en avondvullende balletten uit te voeren.”

De beperkingen zorgden de afgelopen tijd voor een verschuiving van de focus van fysieke voorstellingen naar online. “Daar moet natuurlijk materiaal voor gemaakt worden, zoals video’s of registraties van voorstellingen. Productieleiders en voorstellingsleiders die normaal bezig zouden zijn met producties voor volgend seizoen, geven nu gehoor aan de vraag naar online projecten en moeten hun werkterrein verleggen. Aan de ene kant is dat heel leuk, omdat het een nieuwe manier van werken betreft die mensen hier niet gewend zijn, maar aan de andere kant is het ook een belasting: je doet werk dat je niet gewend bent, maar waarvan wel de hoogste kwaliteit wordt verwacht.”

Behoefte aan gedeelde ervaring

Ondanks de mogelijkheden die online platformen nu bieden voor de culturele sector, is De Ronde niet bang dat de online beleving het fysieke dans- en muziektheater in de toekomst volledig zal vervangen. “Ik ben ervan overtuigd dat mensen altijd de behoefte zullen houden om live aanwezig te zijn bij iets dat op dat moment gebeurt. De jongere generatie zoekt dit bijvoorbeeld in festivals en andere evenementen, maar ik denk dat het voortkomt vanuit dezelfde behoefte als die van mensen die naar het theater gaan. Hoe je die behoefte online kunt vervullen is een grote vraag waar we het antwoord nog niet op hebben gevonden. Online bied je immers alleen individuele ervaringen.”

Feeling

Online mogelijkheden hebben volgens De Ronde niet alleen een grote invloed op de manier waarop Nationale Opera & Ballet zijn aanbod presenteert, maar ook op de manier waarop er achter de schermen wordt gewerkt. “In de hele maatschappij wordt online werken steeds normaler. Onze organisatie is erg internationaal georganiseerd, dus als een artistiek team een presentatie kwam geven, was het vroeger vanzelfsprekend dat ze met een maquette onder de arm op het vliegtuig naar Amsterdam stapten. Maar sinds maart zijn de meeste presentaties online geweest, en dat blijkt beter te kunnen dan ik ooit had gedacht. Dit zou mogelijkheden kunnen bieden voor meer duurzaamheid.”

Zowel De Ronde zelf als de productie- en voorstellingsleiders in zijn team werken afwisselend thuis en in het theater. “Iedereen is wel bij een project betrokken waarvoor je soms in het gebouw moet zijn. Zelf probeer ik, afhankelijk van wat er op de agenda staat, een of twee dagen per week aanwezig te zijn. Ik ga dan vaak even achterin de zaal zitten terwijl ik mailtjes beantwoord, om toch even feeling te houden met wat er gebeurt. Op dat soort momenten voel ik wat de essentie van mijn werk is: zorgen dat er mooie producties op het toneel verschijnen. Dat vind ik heel belangrijk, onder andere voor mijn persoonlijke motivatie. Op dagen waarop ik alleen maar mailtjes zit te beantwoorden denk ik soms ‘Tsja, dan kan ik net zo goed voor een schoenenfabriek werken’.”