Magazine 'Tristan + Isolde voelt echt als mijn eerste kind'
  1. Magazine
  2. 'Tristan + Isolde voelt echt als mijn eerste kind'
  • Joke van der Weij
  • 11 May 2018
  • Leestijd: 8 minuten

'Tristan + Isolde voelt echt als mijn eerste kind'

Szymon Brzóska verheugt zich op de Nederlandse première van David Dawsons ballet Tristan + Isolde, waarvoor hij de muziek schreef. De afgelopen jaren heeft zijn carrière als componist een hoge vlucht genomen, niet in de laatste plaats door zijn succesvolle samenwerking met bekende choreografen, zoals Sidi Larbi Cherkaoui en David Dawson. 

Een inspirerend interview over samenwerking en vertrouwen, over Wagner en filmmuziek, over minimalisme en 'Go disney!'.

Szymon Brzóska verheugt zich op de Nederlandse première van David Dawsons ballet Tristan + Isolde, waarvoor hij de muziek schreef. De afgelopen jaren heeft zijn carrière als componist een hoge vlucht genomen, niet in de laatste plaats door zijn succesvolle samenwerking met bekende choreografen.

Ik ontmoet Szymon Brzóska eind maart in de Stadsschouwburg als hij ter gelegenheid van de reprise van Sutra een paar dagen in Amsterdam is. Dit jaar viert de Vlaams-Marokkaanse choreograaf en theatermaker Sidi Larbi Cherkaoui het tienjarig bestaan van zijn internationaal bekroonde danshit met een herneming van deze verbluffende mix van hedendaagse dans en kungfu. Sutra is gemaakt in samenwerking met Chinese Shaolinmonniken. Cherkaoui, inmiddels ook artistiek leider van het Ballet Vlaanderen, bouwt bruggen tussen oost en west, tussen verschillende culturen en verbindt dans met andere kunstvormen.

Het was voor Brzóska de allereerste keer dat hij componeerde voor een dansvoorstelling. Hij maakt die avond zelf als pianist deel uit van het begeleidend muziekensemble. “Sutra is al tien jaar oud, maar ik houd er nog steeds ontzettend veel van. Het was mijn eerste grote balletstuk, het voelt echt als mijn eerste kind.”

Het was mijn eerste grote balletstuk, het voelt echt als mijn eerste kind.

Is er verschil in samenwerking met Cherkaoui en Dawson? Brzóska weegt zijn woorden zorgvuldig: “Ze gebruiken allebei een heel andere taal. Cherkaoui werkt veel meer met emoties dan Dawson. Minder gestructureerd misschien, maar werken met hem voelt altijd natuurlijk, er zit veel vrijheid in zijn benadering. Davids dans heeft een veel sterkere structuur. Klassieker ook, tegenover de meer moderne dans van Sidi. Maar ik kan heel goed overweg met beide benaderingen."

Vertrouwen

Het enthousiasme straalt uit zijn ogen als Brzóska over David Dawson praat. “Een choreograaf heeft natuurlijk bepaalde redenen om te willen samenwerken met een specifieke componist. David heeft voor mij gekozen en dat betekent dat hij mij vertrouwt. We leerden elkaar in 2011 kennen tijdens Labyrinth, een ballet dat Cherkaoui in 2011 maakte in opdracht van Het Nationale Ballet, waarvoor ik ook de muziek geschreven had. Het was een ‘double bill’ Cherkaoui/Dawson en het tweede stuk op die avond was timelapse/(Mnemosyne), van David Dawson. Hij hoorde mijn muziek en nam meteen daarna contact op: of ik met hem wilde werken. “Wow, geweldig!”, zei ik. Uit onze eerste samenwerking kwam Overture voort in 2013. Daarna hebben we in 2016 Citizen Nowhere gemaakt, een onderdeel van Made in Amsterdam."

‘Go Disney’

De wereldpremiere van Tristan + Isolde vond plaats in 2015 bij Semperoper Ballet (Dresden). Dat was hun eerste avondvullend en verhalend ballet, dat als titel heel bekend is vanwege de opera van Wagner. Hoe was het om met Dawson te werken aan Tristan + Isolde? “Het begint altijd met langdurig praten, aftasten, uitproberen, ook bij Tristan + Isolde. Wat stelt David zich voor van de nieuwe productie? Hoe kan ik zijn beelden vertalen in mijn muzikale taal? Na zo’n eerste uitwisseling heb ik al de eerste ideeën, een soort moodboard waarmee ik aan de gang kan."

"Uiteraard praten we dan ook al over decor en kostuums, ik krijg de decor- en kostuumschetsen te zien, dat is heel belangrijk. Dawson en zijn kostuumontwerper Yumiko Takeshima wilden bijvoorbeeld de personages zwarte gewaden laten dragen, als tegenwicht tegen de levendigere kleuren van Tristan en Isolde. Het is inspirerend om te zien wat de anderen aan het doen zijn. We creëren met elkaar iets dat goed is, iets dat klopt." 

We creëren met elkaar iets dat goed is, iets dat klopt.

"Het samenwerkingsproces is heel opwindend. Op een bepaalde manier gaat het ook vanzelf omdat David en ik elkaar langzamerhand heel goed begrijpen. Hij heeft een heel uitgesproken visie en dat is een prima startpunt voor samenwerken. Hij weet precies wat hij wil en – heel belangrijk – hij weet ook hoe hij dat op mij over moet brengen. David weet wat hij nodig heeft en daar kan hij erg gedetailleerd over doorgaan. Hij praat graag in metaforen en gebruikt vaak beelden om iets duidelijk te maken. Neem bijvoorbeeld de ouverture, wanneer Tristan en Isolde elkaar voor het eerst kussen. Dan zegt David: ‘Go Disney here!’ Of: ‘Hier moet het lente zijn.’ Of: ‘Elke toeschouwer moet nu tranen met tuiten huilen!’ En dat is helemaal geen vervelende opdracht, want ik schrijf graag gevoelige muziek. Ik houd van emotie. Ik stuur hem een idee en daarna diepen we het samen uit.”

Wagner

Tristan und Isolde is natuurlijk vooral bekend van de muziek van Wagner, die onlangs nog te zien was bij Nationale Opera & Ballet in de regie van Pierre Audi. Weegt zo’n zware erfenis niet mee? Brzóska schudt gedecideerd zijn hoofd. “Nee. Dit ballet is gemaakt voor Semperoper Ballet in Dresden waar ze ook pasgeleden Wagners Tristan und Isolde hebben uitgevoerd. Het is natuurlijk een geweldig werk en een canon in de muziekgeschiedenis, maar ik ben geen enorme Wagnerliefhebber. Toch heb er indirect wel een aantal ideeën aan overgehouden voor de dramatische ontwikkeling van mijn eigen muziek. In Wagners opera zit een bepaalde donkerte die me aantrekt. Ik ben zelf geen zwaarmoedig persoon maar ik houd wel van ‘dark art’, melancholie in mijn muziek, droefheid zelfs."

"En ik heb mij ook laten inspireren door het gebruik van ‘Leitmotive’ , zoals Wagner dat doet. Bepaalde karakters hebben een terugkerend muzikaal motief, maar ook in sommige situaties gebruik ik terugkerende thema’s, zoals wanneer er dood in het spel is, of liefde. Dan hoor je een soort ‘leitmotive’. Het werkt goed voor dit stuk, het helpt de toeschouwers om de voorstelling beter te begrijpen, maar hopelijk op een niet al te nadrukkelijke manier.”

Van jongs af aan word ik aangetrokken door ballet en dans, maar zelf ben ik niet gaan dansen.

Bij zoveel betrokkenheid bij de danswereld, werpt de vraag zich op: heeft Brzóska zelf nooit danser willen worden? Dat niet: “Van jongs af aan word ik aangetrokken door ballet en dans, maar zelf ben ik niet gaan dansen. Toen ik nog in Poznan woonde, ging ik vaak naar de beroemde balletten uit het begin van de twintigste eeuw. Ik heb zelfs een ballet geschreven als afstudeerproject, maar het is nooit uitgevoerd. Wie weet komt dat nog eens, hoewel het misschien maar beter in de la kan blijven. Ik wil me sowieso een tijd gaan concentreren op concertmuziek.”

Albums en filmmuziek

Hij heeft net twee nieuwe albums uitgebracht. Allebei bevatten ze voor een groot gedeelte muziek die voor ballet geschreven is, onder andere van zijn samenwerking met David Dawson en Sidi Larbi Cherkaoui. Murmur is de weerslag van tien jaar samenwerking en vriendschap met Barbara Drążkowska, en komt binnenkort uit; Migrations is in januari uitgebracht. Hierop staat muziek voor strijkkwartet en piano, uitgevoerd door bevriende musici.

Migrations is voor Brzóska een thema met een sterk persoonlijke connotatie, want de laatste jaren heeft hij ook zelf een migrantenleven geleid, heen en weer reizend en veel verhuizend van de ene stad naar de andere. Hij verliet zijn geboortestad Poznan in het westen van Polen op zijn 24ste. Vanaf zijn zevende kreeg hij zoals veel kinderen pianoles. In zijn tienerjaren kwam daar het componeren gedeeltelijk voor in de plaats. “Ik hield nog steeds van pianospelen maar ik merkte dat ik geen performer ben.” Hij begon met het schrijven van ‘singing poetry’. Simpele muziek met tonaliteit als sterke basis, vaak in de richting van filmmuziek. Brzóska zegt het met nadruk: “Ik ben absoluut niet bang voor melodie.”

Ook houdt hij van filmmuziek, bewondert de bijzondere harmonieën van de grote filmcomponisten. “Dáárom wilde ik muziek schrijven.” Het meest houdt hij van de filmmuziek uit de jaren negentig van de vorige eeuw, vooral die van James Newton Howard, een Amerikaanse filmmuziekcomponist met een enorme staat van dienst. Maar ook van de muziek die James Horner schreef voor Avatar. “Het is misschien een kwestie van jeugdsentiment, op je vijftiende ben je nu eenmaal het gevoeligst.” De filmmuziek van nu vindt hij minder interessant.

Minimalisme

Belangrijk voor hem is vooral de invloed van de Estse componist Arvo Pärt, de Let Pēteris Vasks en Henryk Górecki uit zijn geboorteland Polen. “Ik voel me erg verbonden met het minimalisme. Daar zit zo’n schoonheid in, een esthetiek van eenvoud en puurheid waar ik me zeer door voel aangetrokken. Dat is precies waar ik zelf naar op zoek ben en wat ik met mijn muziek probeer te onderzoeken. Ook middeleeuwse muziek vind ik inspirerend. Dat is misschien wel de meest pure muziek die er is.”

In een ballet moet muziek ook vaak op achtergrond zijn werk doen. Maar het gaat om de kunst van het samenwerken, we komen er altijd uit.

Behalve een productief schrijver van balletmuziek is Brzóska ook nog componist van ‘vrij werk’ voor kleinere bezetting. Af en toe komen daar heel specifieke projecten uit voort. Zo ging zijn vriendin Barbara Drążkowska, de Poolse pianiste met wie hij al vele jaren samenwerkt, op fietstournee met zijn pianomuziek. Voor de zekerheid niet al te avant-garde. De afstanden tussen de muzieklocaties in Poolse stadjes werden op een sportief rijwiel overbrugd. Het doel, mensen in aanraking brengen met moderne muziek die niet gewend zijn om daarnaar te luisteren, werd ruimschoots bereikt.

Eenvoud en puurheid

Wordt hij in zijn muzikale streven naar eenvoud en puurheid dan niet belet door de eisen die gesteld worden aan balletmuziek? Brzóska: “Zeker wel. Maar dat is niet erg, want soms is mijn muziek té sterk. Dan word ik teruggefloten omdat de muziek teveel op de voorgrond dreigt te komen op een plek waar dat niet de bedoeling is. In een ballet moet muziek ook vaak op achtergrond zijn werk doen. Maar het gaat om de kunst van het samenwerken, we komen er altijd uit.”

 

Dit artikel verscheen eerder in Odeon 110.