Magazine JULIA BULLOCK EN DAVÓNE TINES MAKEN ZICH HARD VOOR DE TOEKOMST VAN OPERA
  1. Magazine
  2. JULIA BULLOCK EN DAVÓNE TINES MAKEN ZICH HARD VOOR DE TOEKOMST VAN OPERA
  • Hein van Eekert
  • 21 Feb 2019
  • Leestijd: 5 minuten

JULIA BULLOCK EN DAVÓNE TINES MAKEN ZICH HARD VOOR DE TOEKOMST VAN OPERA

Sopraan Julia Bullock en bariton Davóne Tines keren terug naar De Nationale Opera voor Girls of the Golden West. Beide zangers vinden dat opera een belangrijke maatschappelijke rol te vervullen heeft.

“Nieuwe opera is nieuw bloed en dat is nieuw leven,” zegt bariton Davóne Tines op kernachtige wijze in de trailer voor de opera Only the Sound Remains, die in 2016 tijdens het eerste Opera Forward Festival door De Nationale Opera werd uitgevoerd. In dit nieuwe werk van Kaija Saariaho trok de aanwezigheid van countertenor Philippe Jaroussky de aandacht, maar het was Tines die de dragende rol speelde. Nu is hij terug in Girls of the Golden West van John Adams. Ook een nieuw werk.

Vertrouwde gezichten

‘Nieuw’ schrikt het publiek wel eens een beetje af: onbekend repertoire maakt de bezoekers soms wat al te voorzichtig. Geen nood: als tegenhanger voor dat onbekende bestaat de cast uit bekende gezichten, met naast Davóne Tines een aantal andere zangers die al eerder bij De Nationale Opera te horen waren, waaronder sopraan Julia Bullock als Ann Truelove in The Rake’s Progress.

Bullock speelt in Girls of the Golden West de rol van Dame Shirley, pseudoniem van de schrijfster Louise Amelia Clappe, die als relatieve buitenstaander het wel en wee in een goudzoekersgemeenschap gadeslaat. Een flard van Julia Bullocks optreden in deze rol in San Francisco is op YouTube te bekijken. Ze is herkenbaar voor wie haar in The Rake’s Progress heeft meegemaakt: weliswaar maakt het zonnige optimisme en de kwetsbare vastberadenheid van Ann plaats voor een nobele doelmatigheid en wereldwijsheid als Dame Shirley, maar het overrompelende van deze zangeres en het charismatische, dat je als publiek als het ware naar haar toe doet buigen, zijn duidelijk herkenbaar.

Het wordt tijd om het zoeklicht op een volgende generatie van creatieve stemmen te richten, in al zijn diversiteit.

Toneelpersoonlijkheid

Bullock is een toneelpersoonlijkheid, iemand die van binnenuit licht lijkt uit te stralen als ze op de planken staat. “Ik wist vanaf mijn vroege jeugd al dat ik zou willen optreden,” zei ze onlangs in een interview. “Ik wist alleen nog niet in welk medium.” Allerlei verschillende genres muziek kwamen thuis langs, dus een specifieke richting diende zich niet direct aan. “Toen ik zeventien was, gaf mijn stiefvader mij een stapel van zijn favoriete opnamen van verschillende zangeressen: Régine Crespin, Frederica von Stade, Kathleen Ferrier, Janet Baker…vanaf dat moment wilde ik eigenlijk alleen nog maar klassieke muziek zingen.”

Bullock ging naar de Juilliard School of Music: ze had er naar eigen zeggen veel geluk met de muzikale contacten die ze er opdeed. Eén van de belangrijkste dingen in het operavak is, volgens Bullock, zelfdiscipline: “Je kunt geweldig onderwijs krijgen maar uiteindelijk ben je ook je eigen docent en heb je zelf de verantwoordelijkheid voor wat je doet. Een zangcoach zei me ooit dat onze baan als uitvoerend musicus bestaat uit nieuwe dingen laten zien, mensen erbij betrekken en ze vermaken. Ik hoop aan die drie elementen te voldoen.”

Davóne Tines en Julia Bullock in Girls of the Golden West (scènefoto van Cory Weaver voor San Francisco Opera)

Diversiteit en gelijkwaardigheid

Als Dame Shirley in Girls of the Golden West probeert Julia Bullock de ongelijkheden en conflicten tussen mensen van verschillende afkomst in een stadje in Sierra Nevada te begrijpen en te verklaren. Dame Shirley ziet alles aan met vooruitstrevende ogen, maar dan wel vanuit de blik van iemand uit de jaren 1850.

Bullock staat als kunstenares midden in onze tijd: ze is lid van de Raad van Advies van Turn the Spotlight, een organisatie die begeleiding aanbiedt van en voor ‘bijzondere vrouwen, mensen met een huidskleur en andere groepen op zoek naar gelijkwaardigheid, met een bijzondere nadruk op het steunen van kunstenaars die hun talent en vaardigheid gebruiken om hun gemeenschap te versterken en sociale gelijkwaardigheid te bereiken.’

Bullock vindt dat de kunsten een plek kunnen bieden waar een grote verscheidenheid aan perspectieven kan worden beleefd, maar ze zegt daarbij: “Historisch gezien kwamen de gezichtspunten die het vaakst een podium kregen van één onderling aan elkaar gerelateerde groep. Het wordt tijd om het zoeklicht op een volgende generatie van creatieve stemmen te richten, in al zijn diversiteit.” Bullock is er namelijk van overtuigd dat de manier waarop de maatschappij is opgebouwd invloed heeft op de kunst die gemaakt wordt, maar ook op hoe die kunst gepresenteerd en bewaard wordt.

Daarom nam ze een uitnodiging aan om dit seizoen Artist in Residence te zijn bij het Metropolitan Museum of Art. Een van de projecten die ze organiseert, is een uitvoering van Hans-Werner Henzes El Cimarrón over de Afro- Cubaanse slaaf Esteban Montejo, die van een suikerplantage ontsnapte, overleefde in de jungle, mee streed bij de vrijheidsstrijd van Cuba en 113 jaar oud werd. De rol zal worden gezongen door Davóne Tines.

Opera geeft een bijna vierdimensionale ervaring

Kunst en maatschappij

In Girls of the Golden West vertolkt Tines de rol van Ned, een bevrijde slaaf: het merendeel van de teksten voor dit karakter komt van verslagen en dagboeken van gevluchte slaven. Davóne Tines’ talent werd ontdekt door zijn grootvader, die hem met een operastem placht te begroeten. Toen hij een keer op eenzelfde manier antwoordde, zei zijn opa: “Ik geloof dat je een stem hebt.” Zijn stemtype werd de basbariton, maar zijn bereik is veel groter, zegt hij: “Je zangstem wordt meestal bepaald op technische gronden: bijvoorbeeld in welk bereik je voor de langste tijd het comfortabelst kunt zingen.”

Net als Julia Bullock is Davóne Tines een zanger die een link ziet tussen kunst en maatschappij en zelf projecten creëert. Dit seizoen brengt hij The Black Clown in wereldpremière: het is een stuk naar het gelijknamige gedicht van Langston Hughes waarin de muziek van Michael Schachter een mengeling is van diverse stijlen – opera, vaudeville, jazz en spirituals – en waarin het verzet van een zwarte man tegen de onderdrukking in Amerika centraal staat. Tines schreef zelf het libretto, in samenwerking met de componist.

Nieuwe werken als weg voorwaarts

Davóne Tines zingt opera uit alle tijden en waardeert het fundament dat met het ijzeren repertoire gelegd is, maar hij denkt tegelijkertijd dat de weg voorwaarts voor het genre de nieuwe werken zijn. Dat die werken de toeschouwer wat te vertellen mogen hebben, is vanzelfsprekend. Voor hem leent opera als kunstvorm zich daar bij uitstek voor: “Opera geeft een bijna vierdimensionale ervaring. Ik zing voor jou, ik breng het verhaal ook fysiek en visueel en alle woorden worden omvat door muziek. Er is dus een enorme ‘Laat dit binnenkomen’-kracht. Bij lezen of bij een voordracht heb je je eigen interpretatie van de dingen, maar opera vraagt direct de aandacht, betrokkenheid en volledige overgave. Daarom is het zo’n belangrijke uitwisseling van gedachten.”

Dit artikel verscheen eerder in Odeon 113
Beeld: Nikolai Schukoff (portret Davóne Tines) en Christian Steiner (portret Julia Bullock)